Komt onze zoon in aanmerking voor beschermd wonen in een andere gemeente?

Vraag

Voor onze zoon met Asperger en depressie hebben wij een zorginstelling voor beschermd wonen gevonden in een andere gemeente dan waar wij wonen. Deze zorginstelling heeft wat ons betreft precies datgeen wat wij vinden dat nodig is voor het geluk en welzijn van onze zoon. In onze regio is een dergelijke instelling niet te vinden, ook de voormalig GGZ psychiater van onze zoon heeft dit schriftelijk aangegeven.

Echter, de gemeente waar deze zorginstelling zich bevindt hanteert een strikt beleid. Als je niet in de gemeente woont of staat ingeschreven kom je niet in aanmerking voor hulp beschermd wonen via de Wmo. Onze eigen gemeente begrijpt de noodzaak waarin wij en onze zoon zich bevindt en doet alle moeite om tot een akkoord te komen, maar tot dusver zonder positief resultaat. Hebben jullie advies/tips/raad wat wij kunnen doen om e.e.a. toch voor elkaar te kunnen krijgen?

Wij denken er zelfs aan om maar voor hem (tijdelijke) een ruimte te huren in de desbetreffende gemeente en daarna een aanvraag te doen maar geen idee of dit dan een lang proces wordt en ook wordt toegekend omdat men zoiets zou kunnen hebben van; je woont toch nu zelfstandig op kamers?

De frustraties en irritaties lopen thuis (na 4 jaar) inmiddels hoog op. Iedereen bij ons is er bij gebaat dat er nu eindelijk een eind komt aan een ellenlange zoektocht naar adequate hulp.

Antwoord

Op basis van de informatie in de vraag denk ik dat er een oplossing mogelijk is. Hierna zet ik in hoofdlijnen mijn gedachten uiteen. Er zijn twee belangrijke uitzonderingen op de hoofdregel dat de gemeente alleen voor de eigen ingezetenen in het kader van de Wmo 2015 verantwoordelijk is. De ene uitzondering betreft de maatschappelijke opvang en de andere uitzondering is de groep mensen die voor beschermd wonen in aanmerking willen komen. Deze doelgroep (beschermd wonen dus) is niet beperkt tot inwoners van de eigen gemeente. Een ingezetene van elke Nederlandse gemeente kan zich tot elke gemeente in Nederland wenden (zie artikel 2.3.5 lid 1 onder b Wmo 2015 en TK 2013-2014, 33 841, nr. 3 p. 127).

Toelichting

Het doel is dat, zoals dat in de parlementaire stukken wordt genoemd, de behoefte aan beschermd wonen geen belemmering vormt voor mensen om zich elders te vestigen. Deze keuzevrijheid is ook weer niet ongebreideld. De regering schreef destijds dat het de voorkeur verdient dat de gemeente waar het beschermd wonen de meeste kans van slagen heeft. In de Wmo 2015 staat ook niet voor niets dat een ‘passende bijdrage’ wordt verleend (artikel 2.3.5 lid 4 Wmo 2015). Bij de besluitvorming kunnen allerlei belangen aan de orde zijn, maar dat van de client –uw zoon dus- behoort voorop te staan. Indien het beschermd wonen project van uw voorkeur uw zoon op zich plek heeft en uw zoon ook mag komen, dan is het aan te raden om een expliciete aanvraag in beide gemeenten in te dienen. Vraag daarbij ook wat de mogelijkheden zijn om met een PGB in het beschermd wonen project te kunnen wonen.

In dit verband is ook de Commissie Landelijke toegankelijkheid van belang. Deze door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) ingestelde commissie heeft als taak geschillen te behandelen tussen gemeenten of regio’s over de vraag in welke gemeente of regio voor een ingezetene van Nederland beschermd wonen of maatschappelijke opvang een traject de meeste kans van slagen heeft. Zie:

https://vng.nl/onderwerpenindex/maatschappelijke-ondersteuning/beschermd-wonen-maatschappelijke-opvang-ggz/commissie-landelijke-toegankelijkheid-beschermd-wonen-en-maatschappelijke-opvang

Zie verder ook: https://vng.nl/onderwerpenindex/maatschappelijke-ondersteuning/beschermd-wonen-maatschappelijke-opvang-ggz/publicaties/handreiking-en-beleidsregels-landelijke-toegang-beschermd-wonen

Het is echter van groot belang zich te realiseren dat gemeenten veel onderling af kunnen spreken, en dat dat ook met de beste bedoeligen gebeurt, maar dat uiteindelijk de wet bepalend is. Dat houdt in dat als uw zoon in het project dat u op het oog heeft, de meeste kansen heeft tot groei naar zelfstandigheid, de toegang tot dat project niet op de grond van ‘geen ingezetene’ kan worden geweigerd.

Datum: 3 april 2018