blogs

Wijkteams transformeren binnen het sociaal domein

13-10-2017

Sjaak Blenk

In mijn vorige blog over wijkteams is door mij aangegeven, wat het doel is van de wijkteams en wat ze niet moeten doen. Het eindigde ermee dat de wijkteams moeten transformeren. In deze blog ga ik daarop dieper in. Daarbij zal ook duidelijk worden dat er een wisselwerking moet komen tussen wijkteams, bewoners en instellingen om de transformatie van het hele sociale domein tot een goed eind te brengen.

De helft van de gemeenten, die wijkteams hebben opgezet, hebben deze direct onder de gemeente gebracht. Reden was dat er veel gemeenschapsgeld mee gemoeid was en kostenbeheersing hoge prioriteit moest krijgen. Er was immers al heel veel gekort door het Rijk (25 %). Daardoor waren de wijkteams echter niet meer onafhankelijk. Dat is noodzakelijk om zorgvuldig onderzoek te verrichten en de klant voorop te stellen. Daarom dienen de wijkteams in een private organisatie ondergebracht te worden en door de gemeente alleen te worden gefaciliteerd.

In veel gemeenten werden de wijkteams opgetuigd met allerlei disciplines uit de jeugdzorg, ouderenwerk, jongerenwerk, ouderenzorg, maatschappelijk werk, verpleeghuis zorg en ga zo maar door. Op deze wijze had je gelijk een goede bezuiniging op zorg en welzijn te pakken. Ook boventallige ambtenaren werden ingezet. En alles moest gaan keukentafelen en indiceren. En iedereen deed het omdat men bang was hun baan te verliezen tijdens de financiële crisis. Daarin is het sowieso misgegaan. Met geen of onvoldoende kennis van zaken advies geven voor een indicatie of zelf indicaties stellen op het gebied van zorg, heeft slechte resultaten opgeleverd. Plannen van aanpak worden nauwelijks gemaakt omdat er geen alternatieven voor handen zijn. In mijn gemeente riep de wethouder trots dat 65% van de klanten van wijkteams tevreden waren. Weet je hoeveel 35% ontevreden klanten zijn?? In het welzijnswerk moest 100% tevreden zijn eerder rustten we niet. Er zal dus flink aan training en coaching gedaan moeten worden om het huidige personeel toe te rusten zodat zij de doelen van de wijkteams echt kunnen uitvoeren vanuit de klantgedachte. Mogelijk is zelfs reorganisatie noodzakelijk om dat doel te bereiken.

Het sociaal domein is niet getransformeerd. Het uit kostenbeheersing dichttimmeren van ons wonen-, zorg- en welzijnsdomein bood geen ruimte meer voor ontwikkeling, innovatie of samenwerking. Ontwikkeling en ondersteuning van informele zorg (vrijwilligerszorg) kreeg daardoor ook weinig kans. Voor zorginstellingen is vrijwilligerszorg ontwikkelen een gruwel en de daarvoor geschikte welzijnsinstellingen werden wegbezuinigd. Daardoor is er voor de wijkteams geen mogelijkheid meer om signalen en mogelijk ideeën voor preventieve voorzieningen kwijt te kunnen; laat staan in overleg met elkaar tot ontwikkeling te brengen. Het gevaar schuilt er dan in dat de wijkteams zelf de ontwikkeling ter hand nemen of het inkoopt bij organisaties, die geen feeling hebben met de wijk en of de doelgroep. Zorg ervoor dat (het management van) de wijkteams in samenwerking met het lokale sociaal domein de innovatie en transformatie ter hand gaan nemen.

Daarvoor is de sociale makelaarsfunctie ingevoerd. Dit om burgerinitiatieven te ondersteunen bij hun ontwikkeling. Zij zouden echter ook in samenwerking met de bewoners(organisaties) of doelgroepen kunnen stimuleren, om de regie zelf ter hand te nemen. Zo kan men nieuwe voorzieningen ontwikkelen, waarin preventie en informele zorg- en welzijnstaken een belangrijke rol spelen. Gebleken is dat “met je handen op de rug af te wachten wat de wijk zelf gaat ondernemen”, weinig tot niets oplevert. Gewoon omdat men de weg niet weet, men geen ondersteuning van de gemeente verwacht of geen zin hebben in de organisatorische rompslomp die dat oplevert. Sociaal makelaars moeten dus de transformatie van het sociaal domein ter hand nemen en daarin een voortrekkersrol verrichten. Hun input krijgen ze uit signalen van het wijkteam en de bewoners zelf.

Zorg voorkomen of zwaardere zorg kunnen uitstellen vraagt om preventieve voorzieningen. Sport- en welzijnsorganisaties zijn bij uitstek geschikt om preventief werk te doen. Maar ook in de jeugdzorg en ouderenzorg kunnen daarin belangrijke stappen gezet worden. Dat vraagt om lef, durf, innovatie maar ook investeringen. Het langer thuis blijven van de verzorgde in de eigen woonomgeving vereist wel lichte zorg en ondersteuning aan huis voor de verzorgde en de mantelzorger(s). Welzijnsorganisaties (dmv informele zorg), wijkverpleging en zorginstellingen zouden dat in gezamenlijkheid moeten kunnen opzetten via ketenzorg. En zeker moet je daarbij ook de woningcorporaties betrekken.

De problemen van de wijkteams liggen dus niet alleen intern maar hebben ook nauwe banden met de problemen in de transformatie van het sociale domein.